Sciencefictionfans kennen ongetwijfeld Terry Bissons kortverhaal ‘They’re made out of meat’. We volgen een dialoog tussen twee buitenaardse wetenschappers (BW’s), die een inventaris maken van planeten waarop intelligent leven bestaat. Tot hun stomme verbazing denken de intelligente organismen op aarde door middel van vlees:
‘Vlees?’
‘Geen twijfel aan. Ze zijn helemaal van vlees.’
‘Geen brein?’
‘O jawel, er is een brein. Maar dat is ook van vlees!’
‘Maar... wat denkt er dan?’
‘Je begrijpt het blijkbaar niet. Het brein denkt. Het vlees. Denkend vlees! Vlees met bewustzijn! Liefhebbend vlees. Dromend vlees. Het is een en al vlees! Begint het je te dagen?’
De twee onderzoekers vinden dit zo bizar, dat ze besluiten om de aardbewoners niet op te nemen in hun rapport. Er is toch niemand die het zou geloven. Jammer is dat, ik zou graag hun uitleg kennen voor enkele bijzondere vormen van menselijk gedrag. Buitenaardse wetenschappers zouden snel onze nood begrijpen aan voedsel, vloeistof en zuurstof. Alle leven in het universum, van welke aard ook, heeft energie nodig. Dat we eten en drinken zou dus geen verrassing zijn. Het doel ervan is gemakkelijk in te zien, namelijk overleven. Wellicht vinden ze dat we het heel omslachtig en verspillend doen. Zij hebben receptoren waarmee ze rechtstreeks sterrenlicht onderscheppen. Wij daarentegen laten planten een heel klein beetje van de gigantische hoeveelheid energie opvangen die de zon, onze ster, constant uitstraalt. Die planten stoppen we in dieren, wat weer energieverlies betekent. Die dieren eten we op, waarna de energie nogmaals wordt omgezet in een andere energievorm zodat ons lichaam niet tot stilstand komt. Als de buitenaardse wetenschappers slim genoeg zijn om tot bij ons te geraken, dan zullen ze die hele energiecyclus wel snappen (en belachelijk, want extreem verkwistend, vinden). Maar wat met allerlei andere gedragingen? Wat zou het geweldig zijn om hen een toeristische rondleiding op aarde te geven en hun te vragen hoe ze gebedsbijeenkomsten, rockconcerten, een balletvoorstelling of een militair defilé interpreteren. Er is een kans dat ze oorlog zouden snappen, evenals het bouwen van een wolkenkrabber of een iglo. Maar een baseballwedstrijd of een gay parade? Een besnijdenis? Een wedstrijd luchtgitaar spelen? Een aardse gids zou zelfs niet weten waar hij moet beginnen om het allemaal uit te leggen. (We gaan er even van uit dat er een soort kosmisch esperanto bestaat, zodat we kunnen communiceren.)
Het is een aardige uitdaging om voor onze buitenaardse gasten het meest raadselachtig, maar toch typisch menselijk gedrag te bedenken. Mijn voorkeur gaat uit naar de verering van relieken of relikwieën. Een reliek is een voorwerp dat met een heilig of zeer bijzonder persoon in contact is geweest. In talloze katholieke kerken worden kledingstukken, haren, tanden, beenderen, schedels, soms zelfs het hele lichaam van heiligen bewaard. Ook de pijlen of zwaarden waardoor ze de marteldood stierven, zijn van buitengewoon belang. In de loop der eeuwen was er zo’n grote nood aan relieken, dat er van sommige meerdere exemplaren bestaan. Van het kruis waaraan Jezus is gestorven, zijn zoveel delen bewaard dat men er, zoals Johannes Calvijn reeds opmerkte, een schip mee kan vullen. Er is zelfs een heilige waarvan twee schedels bestaan, een grote en een kleine. Die laatste is van toen hij nog een kind was.
Het geloof dat overblijfselen van heiligen en andere bijzondere personen magische krachten hebben, is ongetwijfeld zeer oud. Psychologen noemen het essentialisme: de opvatting dat er essenties bestaan die van een mens kunnen overgaan in een voorwerp, en van een voorwerp weer in een andere mens. Overwegend is het blijkbaar iets positiefs. De aanraking van een reliek kan beschermen tegen een ziekte of allerlei onheil. Er bestaat ook een negatieve versie van: het lichaam, het huis en de kledingstukken van diegenen die het kwade representeren worden niet bewaard maar vernietigd. Alsof men een besmetting kan oplopen door ermee in contact te komen. Niemand wil een hemd of een jas van Marc Dutroux dragen, maar voor een onderbroek van Marilyn Monroe of een haarlok van Elvis hebben sommigen zeer veel geld over. Relieken bestaan dus niet enkel in een religieuze context.
Wat zouden onze buitenaardse wetenschappers van dit alles maken? Niet veel wellicht. Ik zou hen graag meenemen naar Mexico, waar een flacon met bloed van de vorige paus een maandenlange rondreis maakt door 91 bisdommen. De flacon bevindt zich in de handen van een wassen beeld van de paus, dat zijn lijk voorstelt. Het bloed werd om medische redenen afgenomen van de paus aan het einde van zijn leven. Miljoenen Mexicaanse gelovigen willen de flacon aanraken. Onze buitenaardse wetenschappers die de zin en betekenis hiervan willen snappen, zouden redelijkerwijs aan de gelovigen vragen: ‘Waarom doen jullie dit?’ De vraag is zinvol, maar ik vermoed niet dat er ook maar één gelovige is die een antwoord kan geven waar onze buitenaardsen iets aan hebben. Hoe moeten ze zoiets uitleggen aan hun thuispubliek? Er zijn veel merkwaardige biologische soorten op aarde, maar voor buitenaardse wetenschappers is de mens ongetwijfeld het meest vreemde studieobject. Of is dit een typisch menselijk vooroordeel?
Johan Braeckman
